woensdag 11 januari 2017

Grappige column over Dionne Stax en het nieuws in 2016


Grappige column over Dionne Stax en het nieuws in 2016

Dionne Stax NOS Journaal presentatrice op 5 december 2014 om 18.00 uur met het vroege avond journaal, nieuws uitzending op pakjesavond sinterklaas.

Niets nieuws onder de zonnebank

In de laatste dagen van het jaar blikt schrijver Gerjon Gijsbers (1983) op droogkomische wijze terug op het afgelopen jaar. Vandaag het slotstuk: het nieuws.

Er is niets nieuws onder de zonnebank van de aanstaande president van Amerika. IJdelheid der ijdelheden. Lucht en leegte, alles is leegte. Het najagen van wind die waait over de door schaterlachende hyena’s volgescheten steppe met in geen velden of wegen een populier te bekennen.

2016 was wederom een waanzinnig jaar boordevol leugens en bedrog, hoaxes en halve waarheden, roddel en achterklap. In praatprogramma’s worden voornamelijk metadebatten over metadebatten gevoerd. Kranten, magazines en websites bereiken een angstaanjagend dieptepunt.

 
De vragen die gesteld worden zijn veelal van een lager niveau dan die van een peuter in de waarom-fase en de berichten die een redactie passeren zijn zo banaal dat een zwerfhond er nog geen brood van lust.
 
Het Laatste Nieuws: ‘Wat als Donald Trump – (Ja, Trump! Dat was de gozer die ik bedoelde in mijn stukje over politiek.) – geen oranje zelfbruiner zou dragen?’
Metro: ‘Zo ziet Trump er uit zonder haar en zonnebankkuurtje.’
 
LINDA: ‘Zo zou Trump eruit zien zonder “fake tan”.’
Esquire: ‘Dit is waarom Trump zo oranje is.’
 
Er zijn mensen die nog steeds in nieuwsartikelen van De Speld en Nieuwspaal op Farcebook tuinen en als je ze dan in helder Nederlands probeert uit te leggen wat satire is, dan denken ze na een ellenlange woordenwisseling dat je een muzikant in een mariachiorkest bedoelt. Het is bijna begrijpelijk, want de werkelijkheid is nauwelijks meer van de waanzin te onderscheiden.


Wat er was, zal er altijd weer zijn. Wat is gedaan, zal altijd weer worden gedaan. Er is niets nieuws onder de zon. Wanneer men zegt: ‘Kijk, iets nieuws,’ dan is het altijd iets dat er sinds lang vervlogen tijden is geweest. Het meest verbijsterende ‘nieuws’ vond ik het proces tegen Geert Wilders.
 
Op 23 november stak hij tegenover de rechtbank als volgt van wal:
‘Toen ik besloot hier vandaag het laatste woord te voeren in dit proces tegen de vrijheid van meningsuiting was de reactie van heel veel mensen in mijn omgeving dat het zinloos is.
 
Dat u als rechtbank het veroordelende vonnis al lang geschreven heeft. Dat uit alles blijkt dat u mij al lang heeft veroordeeld.’ Hier dekt hij zich handig in, door deze woorden in andermans mond te leggen.
 
‘En misschien is dat wel zo. Ik weet het niet.’ Hij weet het wel. Hij denkt het wel te weten.
Als op 9 december het vonnis volgt, wordt er door de PVV een videoreactie van Wilders naar buiten gebracht.
 
‘Terwijl eergisteren bleek dat tientallen Marokkaanse asielzoekers buslijnen in Emmen terroriseren en daarvoor niet eens een boete krijgen,’ zegt hij, ‘krijgt een politicus die een vraag stelt over minder Marokkanen een veroordeling aan zijn broek.’
 
Inhoudelijk gaat hij niet op het vonnis in en het bericht over de asielzoekers die in Emmen buslijnen terroriseren, werd ons door de media al op maandag 5 december meegedeeld.
 
Derhalve zou ik niet raar opkijken als de ‘reactie’ van Wilders al op 7 december is opgenomen. Zelden heb ik iemand doorzichtiger het volk zien bespelen en de zaken voortdurend om zien draaien.

 
Hij heeft de rechtbank al veroordeeld voor het vonnis is uitgesproken. Was hij vrijgesproken, dan zou de video ritueel vernietigd worden. En hij had vrijgesproken moeten worden, want het hele proces is promotie geweest waar minister van Propaganda Joseph Goebbels in zijn betere dagen nog een puntje aan had kunnen zuigen.

Alles is vermoeiend, zozeer dat er geen woorden voor te vinden zijn. De ogen van een mens kijken, maar vinden geen rust. Zijn oren horen en blijven horen.

Op die manier peinzend lag ik languit op de bank naar de verkiezingsnacht te kijken. Er drong van alle stemmingen en resultaten niets tot me door.
 
Toch volgde ik ze met mijn ogen en mond wagenwijd open. Het was me nooit eerder opgevallen dat Dionne Stax zo’n leuk meisje is. Ik had zin om mijn schrijftalent aan te wenden om haar en mijn naam met een Zwitsers zakmes in de schors van een populier te snijden, met een groot hart eromheen.
 
‘Dionne,’ prevelde ik zachtjes, ‘laat die kiesmannen toch voor wat ze zijn en kies voor mij, dan zal ik je man zijn en kunnen we in de dichtstbijzijnde bunker duiken, waar we onder een dekentje kruipen en wachten tot de strijd gestreden en al het leed geleden is. Ik zal mooie woorden tegen je fluisteren en misschien iets van Marsman citeren.
 
Denkend aan Holland, zie ik breede rivieren traag door oneindig laagland gaan, rijen ondenkbaar ijle populieren als hooge pluimen aan den einder staan. Laat ons de Marten en Oopjen van de eenentwintigste eeuw zijn, Dionne.’
 
Waarom belde Dionne Stax mij nooit eens op? Mogelijk omdat ze mijn nummer niet had. En als ze al zou bellen, zou mijn telefoon haar nummer niet herkennen en zou ik niet opnemen omdat ik onbekende oproepen niet beantwoord.

Het zweet brak mij uit. Trump, Wilders, al die andere populisten, ze hadden me waar ze me hebben wilden. Ik was compleet apathisch en knettergek aan het worden.

Het jaar is bijna om. Mensen zullen straks kokhalzend meebrallen met ‘Bohemian Rhapsody’, misschien al vergeten wie er vorig jaar ook alweer waarom met welke nummer op 1 stond – was het niet iets met ‘Imagine all the Pokémon, sharing the real world, joehoehoe’? -, met een flûte champagne aftellen naar de volgende apocalyps en consumentenvuurwerk afsteken omdat Unesco het nu eenmaal op de lijst van immaterieel cultureel erfgoed heeft gezet.
 
Hoewel de kans groot is dat ik 2017 in ga als landverrader, nepschrijver en negerhoer, wil ik desalniettemin iedereen een geweldig jaar wensen met veel geluk en liefde, of iets wat erop lijkt. Geen enkele ziel uitgesloten.

(Dionne, wellicht kun je aan de redactie mijn nummer opvragen en me eens bellen om jouw nummer achter te laten na de piep. Ik luister altijd mijn voicemail af. Laat alsjeblieft een bericht achter na de piep. Piep.)

Auteur: Gerjon Gijsbers
Bron: hpdetijd.nl

Gerjon Gijsbers (1983) studeerde Nederlandse taal & cultuur aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Hij valt onder het agentschap van Literair Productiehuis Wintertuin, schreef voor Propria Cures en houdt van populieren. In 2015 verscheen zijn bundeling radiocolumns 'Ik keek naar boven en had geen idee' bij Uitgeverij Fagus.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen